Het is tegenwoordig in oorlogsgebieden gevaarlijker om een vrouw te zijn dan een soldaat

0
219

Generaal Patrick Cammaert leidde grote internationale missies. Op zijn eerste VN-missie in Cambodja wilde hij eigenlijk helemaal geen vrouwen meenemen. Maar tijdens zijn laatste VN-missie in Congo keek hij daar diametraal anders tegenaan: “Vrouwen zijn vaak beter in het dempen van spanningen. En dat ze fysiek niet mee zouden kunnen komen is geneuzel.” Sinds hij in 2007 de actieve militaire dienst verliet, reist hij de wereld over om VN-vredesmissies te verbeteren. Hij heeft zich de bestrijding van seksueel geweld in conflictgebieden als belangrijkste opdracht gesteld. Zoals hij zelf ooit tegen de VN-Veiligheidsraad zei: “Het is tegenwoordig in oorlogsgebieden gevaarlijker om een vrouw te zijn dan een soldaat.” Buitenlandredacteur van het NOS Journaal Esther Bootsma ging met Cammaert op pad. Daarover schreef ze het boek ‘Kijk niet weg’.

Tsunami van seksueel geweld
Die titel komt overeen met het motto van Cammaert die voor de VN ook in Ethiopië, Bosnië en Jemen was. “Je komt zo vaak tegen dat men niet wil optreden en wegkijkt. Met name militaire hulpverleners, maar ook de politiek.” De missie in Congo heeft het meeste indruk gemaakt op hem. “Het is een gigantisch groot land, zo groot als west-Europa en ik had er 15.000 mannen en vrouwen onder bevel. Het geweld waaraan de bevolking blootstond was onvoorstelbaar”, vertelt hij bij ‘Dit is de dag’ op Radio 1. “Daarvoor was ik nooit met seksueel geweld in aanraking gekomen. Daar was het een soort tsunami. Massaverkrachting werd als oorlogswapen gebruikt. Daar was ik niet goed op voorbereid. Je krijgt een klap voor je kop daarmee.”

Geen blad voor de mond
Dankzij het boek van Esther Bootsma leren we Patrick Cammaert en zijn ongelooflijk belangrijke, maar moeilijke missie goed kennen. Het  is immers een ‘ongemakkelijkewaarheid’. Cammaert is zowel rebel, generaal en kwajongen tegelijk; een inspirerend leider die geen blad voor de mond neemt. Esther is een zeer ervaren buitenland-journaliste die behalve voor de NOS ook voor TROUW en Elsevier schreef, eveneens over het onderwerp seksueel geweld als onderdeel van genocide.

Zo oud als de mensheid
Verkrachting als oorlogswapen is een eeuwenoud fenomeen. Al sinds de oudheid vergrijpen strijders en soldaten zich aan vrouwen van de vijand. Maar verkrachting als onderdeel van genocide is minder bekend. De eerste die hiervoor werd veroordeeld is de Rwandees Jean-Paul Akayesu in 1998. Sindsdien wordt verkrachting tijdens een oorlog niet alleen gezien als misdaad tegen menselijkheid maar kan het ook een vorm van genocide zijn: verkrachting met de bedoeling een volk uit te roeien. Bijvoorbeeld doordat de vrouwen lichamelijk zo zwaar werden beschadigd dat ze later geen kinderen meer kunnen krijgen. Of doordat ze vanwege het stigma niet meer aan een man kunnen komen. En niet zelden raken de slachtoffers zwanger; ook een manier om de etnische samenstelling van een bevolking te veranderen.

Langzame dood
In Rwanda bij de afgrijselijke strijd tussen Hutu’s en Tutsi’s kregen deze kinderen de naam ‘enfant de mauvais souvenir’. Maar het meest strategische aspect van de verkrachtingen in Rwanda was misschien wel dat vrouwen erdoor bewust werden geïnfecteerd met het hiv-virus. Vooral besmette Hutu-mannen werden aangespoord zo veel mogelijk Tutsi-vrouwen te verkrachten. Aidspatiënten werden expres uit het ziekenhuis ontslagen om mee te doen. De daders zeiden tegen de vrouwen: ‘we hebben voor jullie geen machetes of kogels nodig. We hebben een ander wapen, wat zal leiden tot een langzame dood’. Van de vrouwen die de genocide overleefden, bleek daarna 70% besmet met hiv.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here